Spring naar inhoud

Algemene uitgangspunten

Artikel 1 Algemene beleidsuitgangspunten

Het treasurybeleid is onderdeel van het financieel beleid van Accolade, dat is neergelegd in het “Financieel beleidskader Accolade” en het Reglement Financieel Beleid en Beheer. Dit statuut is een herziening van het huidige treasurystatuut dat werd vastgesteld op 21 april 2021

  • 1.1 Accolade heeft als doel uitsluitend werkzaam te zijn op het gebied van de sociale volkshuisvesting, binnen de kaders die daarvoor in ons ondernemingsplan zijn geschetst. Ze voert daarbij een zodanig financieel beleid en beheer, dat haar voortbestaan in financieel opzicht is gewaarborgd.
  • 1.2 De kern van het financieel beleid is het beheersen van de financiële risico’s die samenhangen met de primaire bedrijfsprocessen en een adequaat vermogensbeheer.
  • 1.3 Door een actief en gericht beheer van middelen en geldstromen wordt een bijdrage geleverd aan het realiseren van de ondernemingsdoelstellingen.
  • 1.4 Het is voor Accolade van essentieel belang om tegen redelijke voorwaarden blijvend toegang te houden tot de vermogensmarkten.
  • 1.5 Statutair berust de bevoegdheid besluiten te nemen in het kader van de treasury bij de directeur-bestuurder Financiën & Bedrijfsvoering. Door middel van het treasury-statuut vindt mandatering plaats van voorbereidende werkzaamheden aan de afdeling Planning en Control.
  • 1.6 Accolade laat zich informeren/bijstaan door een onafhankelijke deskundige in geval van belangrijke keuzes/beslissingen (second opinion).

Artikel 2 Financieringsbeleid

Investeringen worden indien mogelijk met eigen middelen gefinancierd. Tot het aantrekken van vreemd geld kan slechts worden overgegaan als de aanwezige middelen niet toereikend zijn voor de financiering.

  • 2.1 De financiële structuur dient zodanig te zijn dat voortdurend voldoende middelen aanwezig zijn c.q. kunnen worden verkregen om aan onze financiële verplichtingen te voldoen.
  • 2.2 De financieringsbehoefte wordt op een adequate wijze in kaart gebracht door middel van een financieringsbegroting en kasstroomprognoses.
  • 2.3 Overfinanciering wordt voorkomen. Er wordt niet meer en voor langere tijd geld (leningen en krediet) aangetrokken dan op grond van de kasstroomprognoses nodig is.
  • 2.4 Het aantrekken van leningen op de kapitaalmarkt geschiedt in principe onder borgstelling van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW).
  • 2.5 Leningen mogen slechts worden aangetrokken ten behoeve van:
    - financiering van nieuwbouwprojecten;
    - financiering van herstructureringprojecten;
    - financiering van verbeteringsinvesteringen waarbij sprake is van levensduurverlenging;
    - financiering van het plaatsen van PV-panelen;
    - herfinanciering van (vervroegd) afgeloste leningen.
  • 2.6 De looptijd van het aflossingsschema van een nieuwe lening wordt zodanig gekozen dat optimaal wordt bijgedragen aan de spreiding van renterisicovolumes.
  • 2.7 Uit oogpunt van renterisicobeheer wordt gestreefd naar een gelijkmatige spreiding van renterisicovolumes. Deze bestaan enerzijds uit contractueel vastgelegde verplichte renteconversies en anderzijds uit financieringsbehoeften uit hoofde van herfinancieringen en investeringen. Het renterisicovolume in enig jaar mag maximaal 15% bedragen van het nominale schuldrestant van de leningenportefeuille, inclusief variabel hoofdsom lening. Dit sluit aan met de risicoscore laag zoals deze is  opgenomen in het gezamenlijk beoordelingskader van Aw/WSW.
  • 2.8 Het rentemanagement is gericht op het minimaliseren van de vermogenskosten en het beheersen en reduceren van de renterisico’s.
  • 2.9 Financiering vindt plaats door middel van leningen met een aflossing ineens aan het einde van de looptijd of door middel van leningen met een annuïtaire of lineaire aflossing.
  • 2.10 Maximaal 10% van de leningenportefeuille kan worden gefinancierd met variabel rentende leningen, met inachtneming van het in artikel 2.7 gestelde maximum ten aanzien van het jaarlijkse renterisicovolume.
  • 2.11 Waar mogelijk en als de gemiddelde vermogenskostenvoet hierdoor wordt verlaagd, worden – met of zonder boetebeding – leningen vervroegd afgelost. Het aantrekken van een lening met een uitgestelde storting is slechts toegestaan in het kader van het streven naar minimalisatie van de vermogenskosten. Volgens de richtlijnen van het WSW is een uitgestelde storting van maximaal 24 maanden toegestaan, expliciete goedkeuring van het WSW is daarvoor wel vereist.
  • 2.12 Betrouwbaarheid van financiers is belangrijker dan spreiding inzake geldgevers.
  • 2.13 Tot de financieringsvormen worden gerekend:
    - onderhandse leningen (annuïtair, lineair, fixe);
    - rollover leningen (variabele hoofdsom lening);
    - kasgeldleningen;
    - middellang krediet.

Artikel 3 Beleggingsbeleid

Accolade wil geen beleggingsinstelling zijn. Tot externe belegging van middelen wordt slechts overgegaan als aanwending van overtollige middelen voor interne financiering of verlaging van het schuldrestant niet tot de mogelijkheden behoort. Het beleggingsbeleid en beheer dient dienstbaar te zijn aan het realiseren van de gewenste volkshuisvestelijke doelstellingen en is op transparante wijze gericht op de financiële continuïteit. We hanteren géén rentevisie ten aanzien van het nemen van beleggingsbesluiten. Gestreefd wordt naar optimalisatie van de beleggingsopbrengsten binnen aanvaardbaar geachte risicogrenzen.

  • 3.1 Jaarlijks wordt bij de begroting het verwacht gemiddeld rendement vastgesteld van de beleggingsportefeuille indien van toepassing.
  • 3.2 Er wordt alleen belegd in producten met een laag risicoprofiel.
  • 3.3 Beleggingen van overtollige middelen vinden uitsluitend plaats bij financiële ondernemingen zoals verwoord in het Reglement Financieel Beleid en Beheer.
  • 3.4 Beleggingen van overtollige middelen vinden uitsluitend plaats in vormen waarvan op einddatum een inleg- of hoofdsomgarantie is afgegeven. We beperken ons tot beleggingen in Euro’s in:
    - termijndeposito’s;
    - spaar-/rendementsrekeningen.
  • 3.5 Middelen worden voor maximaal 2 jaar uitgezet.
  • 3.6 De keuze voor een belegging is afhankelijk van de termijn waarop middelen feitelijk niet benodigd zijn om aan de lopende financiële verplichtingen te kunnen voldoen, zoals blijkend uit de kasstroomprognose, waarbij de intentie dient te zijn dat de belegging tot aan het eind van de looptijd wordt aangehouden.
  • 3.7 Beleggingsproducten mogen geen clausules bevatten die op enigerlei wijze de uitoefening van het toezicht op Accolade kunnen belemmeren.
  • 3.8 "Near”-banking activiteiten zijn niet toegestaan(het aantrekken van middelen met het doel deze met winst uit te zetten).
  • 3.9 We borgen de interne professionaliteit, zowel bij de bij het beleggingsbeleid betrokken functionarissen als bij de Raad van Commissarissen. Mocht in specifieke situaties de noodzakelijk geachte deskundigheid ontbreken dan laten we ons bijstaan door een onafhankelijke deskundige.

Artikel 4 Cashmanagement

Tot het cashmanagement wordt gerekend: het saldo- en bankrelatiebeheer, het betalingsverkeer en het liquiditeitenbeheer.

  • 4.1 Op lopende bankrekening(en) wordt voldoende saldo aangehouden om aan de dagelijkse verplichtingen van een maand te kunnen voldoen (saldolimiet). Het minimum saldo bedraagt € 250.000 ,-.
  • 4.2 Als het saldo van de lopende rekening(en) onder de saldolimiet dreigt te geraken, wordt financiering aangetrokken. Hierbij wordt in eerste instantie gebruik gemaakt van de opnameruimte van de roll-overlening(en).
  • 4.3 Er worden uitsluitend rekeningen aangehouden bij Nederlandse banken die onder toezicht staan van de Nederlandsche Bank.
  • 4.4 Het saldo op de bankrekeningen wordt op weekbasis beheerd.
  • 4.5 Op maandbasis wordt een liquiditeitsprognose opgesteld die minimaal 12 maanden vooruit kijkt. Dit zodat er een reële inschatting gemaakt kan worden van het moment waarop financiering moet worden aangetrokken. Als het saldo van de lopende rekening(en) meer bedraagt dan het saldolimiet, wordt het meerdere gebruikt voor vermindering van de schuld op roll-over leningen of als dat niet meer mogelijk is belegd als het rendement van de belegging hoger is dan het rendement op de lopende rekening.
  • 4.6 Tenminste eenmaal per vijf jaar zullen de relatie met de huisbankier en de hiermee gemaakte afspraken kritisch worden bekeken. Zonodig zullen elders offertes worden opgevraagd.

Artikel 5 Derivaten

We maken geen gebruik van derivate producten (Swap, FRA, Cap, Floor, Collar, Opties etc.). Dit sluit aan op het reglement Financieel Beheer en Beleid.

Artikel 6 Organisatorische randvoorwaarden

Het bestuur stelt dit  treasurybeleid vast en de Raad van Commissarissen keurt het goed. Het treasurybeleid wordt voorbereid door de afdeling Planning en Control is en vastgelegd in het treasurystatuut.

  • 6.1 De treasurycommissie is verantwoordelijk voor het uitvoeren van het vastgestelde treasurybeleid.
  • 6.2 Het bestuur gaat de verplichtingen op het gebied van treasury aan. De voorbereidende werkzaamheden en de praktische uitvoering van treasuryactiviteiten zijn gedelegeerd aan de treasurycommissie
  • 6.3 De treasurycommissie is bevoegd – na afstemming vooraf met de het bestuur – binnen de kaders van het treasurystatuut namens Accolade offertes te accepteren aangaande:
    - Het afsluiten, verlengen en aflossen van leningen;
    - Het afsluiten, verlengen en beëindigen van beleggingen;
    - Renteafspraken op lopende rekeningen, dan wel het aangaan van kredietfaciliteiten.
  • 6.4 Bij het aantrekken van leningen of het uitzetten van beleggingen worden tenminste twee vergelijkbare offertes opgevraagd. De meest gunstige aanbieding wordt in principe geaccepteerd. Indien het niet mogelijk is meer dan één offerte te vragen, wordt deze op andere wijze getoetst aan een marktconforme aanbieding.
  • 6.5 Van de geaccepteerde offertes (telefonisch) moet binnen twee werkdagen een schriftelijke transactiebevestiging worden ontvangen van de wederpartij. Planning & Control stelt met betrekking tot de geaccepteerde offerte ten behoeve van de directeur-bestuurder Financiën & Bedrijfsvoering een notitie op waarin verantwoording wordt afgelegd ten aanzien van de gedane transactie en de gevolgde procedure.
  • 6.6 De in het kader van de treasury afgesloten transacties en de daaruit voortvloeiende verplichtingen worden door Planning & Control in de Treasury module  vastgelegd.
  • 6.7 De Treasurycommissie is verantwoordelijk voor de rapportage inzake de treasury aan het bestuur en de Raad van Commissarissen.
  • 6.8 In procedurebeschrijvingen zijn werkprocessen in relatie tot de financierings- en beleggingsactiviteiten gedetailleerd weergegeven.
  • 6.9 De organisatie en uitvoering van de treasury wordt periodiek door de accountant getoetst.

Artikel 7 Informatievoorziening

Periodiek wordt gezorgd voor actuele, betrouwbare en tijdige informatie inzake treasury voor het bestuur en de Raad van Commissarissen.

  • 7.1 Afdeling Planning & Control  is verantwoordelijk voor het verstrekken van deze informatie.
  • 7.2 In het kader van beleidsvoorbereiding en –uitvoering beschikken we over de volgende informatie:
    - Treasurybeleid: Er is een treasurystatuut aanwezig.
    - Financieel meerjarenperspectief: Een prognose van de ontwikkeling van de financiële positie voor minimaal de eerstvolgende tien jaar. Het financieel meerjarenperspectief wordt minimaal 1 x per jaar geactualiseerd, of zoveel vaker als nodig is om een volledig en betrouwbaar beeld van de toekomstige financiële positie te hebben.
    - Meerjaren kasstroomprognose: Prognose met betrekking tot de ontwikkeling van de jaarlijkse vermogensbehoeften en –overschotten voor minimaal de eerstkomende tien jaar. De meerjaren kasstroomprognose wordt minimaal 1 x per jaar geactualiseerd, of zoveel vaker als nodig is om een volledig en betrouwbaar beeld van de toekomstige kasstromen te hebben.
    - Begroting: In de jaarbegroting wordt melding gemaakt van voornemens op het gebied van financiering, beleggingen en liquiditeitenbeheer.
    - Treasuryjaarplan: In het treasuryjaarplan wordt een vertaling gemaakt van de (meerjaren)begroting naar financierings- en beleggingsactiviteiten voor de duur van het begrotingsjaar.
    - Liquiditeitenprognose korte termijn: De liquiditeitenprognose geeft voor minimaal de eerstkomende 12 maanden de maandelijkse kasstromen weer. De liquiditeitenprognose is voortschrijdend en wordt per maand geactualiseerd en minimaal om de maand in het liquiditeiten overleg  besproken met de bestuurder.
    - Leningenportefeuille: jaarlijks wordt in het treasury jaarplan nzicht gegeven in de aard en omvang van de leningenportefeuille. Hierbij wordt inzicht gegeven in:
    o   De omvang van de leningenportefeuille;
    o   De mate waarin renterisico wordt gelopen;
    o   Rentepercentages, type leningen, geldgevers en wijze van borging;
    o   De vervalkalender (looptijden, renteconversies en aflossing ineens);
    o   Vervroegde aflossingsmogelijkheden.
    - Marktinformatie: Ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt worden gevolgd door middel van informatie uit het (digitale) kranten, digitale nieuwsbrieven van financiële instellingen, gerenommeerde nieuwssites op internet alsmede periodieke contacten met banken en geldbemiddelaars.
  • 7.3 In het kader van de verantwoording wordt bij het afsluiten van contracten informatie verstrekt door middel van een interne notitie.
  • 7.4 Periodiek wordt op het gebied van financieringen en liquiditeit geïnformeerd middels  de tertiaalrapportage.In de  tertiaalrapportage worden o.a. de navolgende zaken vastgelegd:
    - operationele activiteiten;
    - verloop financieringsbehoefte;
    - overzicht aangetrokken leningen, renteconversies en vervroegde aflossing. 
  • 7.5 In het bestuursverslag is een paragraaf opgenomen over Treasury. Hierin is opgenomen:
    - De omvang van de lening portefeuille;
    - het renterisico met een horizon van minimaal 10 jaar;
    - de omvang en aard van derivatenportefeuille, voor zover aanwezig;
    - de omvang van de obligolening;
    - wijze van omgaan met liquiditeitsoverschotten.